Naar boven ^^^

U leest: ‘George Bush is een ramp, erger nog dan Nixon’

Dagblad de Pers / Interviews

‘George Bush is een ramp, erger nog dan Nixon’

juni 2007

Volgens de invloedrijke journalist Carl Bernstein, bekend van Watergate, is Bush een leugenachtige ramp en heeft Hillary Clinton een probleem met het vertellen van de waarheid.

Carl Bernstein is een van de belangrijkste journalisten van de vorige eeuw. Samen met zijn collega Bob Woodward ontmaskerde hij van 1972 tot 1974 het Watergateschandaal waardoor president Nixon aftrad. Zelden heeft de journalistiek een directer effect gehad. Maar vandaag is Carl Bernstein (63) ziek. Zijn stem kraakt. Hij staat de pers te woord over zijn biografie over Hillary Rodham Clinton in een Amsterdams hotel terwijl hij stiekem de ene keelpastille na de andere opeet. 

Betrouwbaarheid
Als Hillary Clinton president wil worden, zal ze aan haar betrouwbaarheid moeten werken, vindt Bernstein. Voor hem is juist de betrouwbaarheid van een president belangrijk. ‘We zijn bijna aan het eind van een rampzalige periode in de geschiedenis van de VS en de wereld. Bush was een ramp, erger nog dan Nixon. Hij liegt over alles. Hillary Clinton zal eerlijker moeten worden dan ze nu is. Ze liegt over haar jeugd, over haar politieke keuzes, over haar huwelijk. Amerika is moe van leugens.’

Mensen vragen Bernstein regelmatig waarom hij dan nooit een boek over Bush heeft geschreven, zoals zijn oud-collega Woodward heeft gedaan. Volgens hem hoeft dat niet, is de noodzaak er niet. ‘We weten allemaal hoe slecht George Bush is. Er zijn goede kranten, goede onderzoeksjournalisten in de Verenigde Staten. Over Irak en de leugens omtrent het begin van de oorlog is veel boven tafel gekomen. Ook over Guantanamo Bay en over Abu Graib bijvoorbeeld. Bijna alles wat we weten, weten we uit de pers. Vervolgens is het aan het politiek systeem om actie te ondernemen. Ten tijde van Watergate werkte het systeem. Wij legden een fout bloot, een schandaal, het congres reageerde, de president moest weg. Nu moet het congres een onderzoek naar Bush instellen. Dat durven ze niet.’

Watergate
Bernstein wil nog best over Watergate praten. Het begon allemaal in de nacht van 17 juni 1972 toen vijf mannen gearresteerd werden tijdens een inbraak in het hoofdkantoor van de Democratische Partij, in het Watergate Hotel te Washington. De jonge journalisten Woodward en Bernstein beten zich erin vast en kwamen erachter dat de inbrekers afluisterapparatuur wilden plaatsen en dat president Nixon daar opdracht toe had gegeven. De adrenalinerush die Bernstein had toen het Watergateschandaal zich beetje bij beetje ontvouwde, was ongekend. ‘Die momenten waarop je het opeens snapt, waarop de puzzelstukjes op hun plek vallen. Magisch. Toen we ons realiseerden dat het schandaal groter was dan we dachten, dat het tot de top van de regering ging, kippenvel. Maar dat heb ik tijdens het onderzoek naar Hillary ook gevoeld. Zoals het moment dat ik erachter kwam dat ze nooit beëdigd is als advocaat. Daarvoor moet je een examen halen en zij zakte. Dat wisten zelfs haar beste vrienden niet.’ 

Bernstein heeft zich zeven jaar lang in Hillary verdiept. Hij sprak haar vrienden, collega’s, ex-vriendjes, las haar beleidsstukken. Hij is haar aardig gaan vinden, maar weet niet of hij haar vertrouwt. ‘Als je je zo lang in iemands leven verdiept, ga je haar vanzelf waarderen. Ik ben Nixon ook aardig gaan vinden in de loop van de tijd dat ik me met hem bezighield. Of aardig; je snapt iemand. Hillary is een sterke vrouw, een vechter. Maar ze heeft problemen met het vertellen van de waarheid.’

Lijvig boek

De reactie van Clintons team op het lijvige boek van Bernstein (rond de 700 pagina’s) stemt de auteur bitter. ‘Zelf reageert ze niet, ze leest het boek ook niet, denk ik. Maar haar woordvoerders hebben laten weten dat ze het maar saai vinden. En dat zelfs voordat ze het hadden gelezen!’ Volgens Bernstein is dat geen goed teken. ‘Ik ben een serieuze journalist. Je kan best serieus op een biografie reageren. Ik heb er toch zeven jaar aan gewerkt.’