Dagblad de Pers / Artikelen vanaf de binnenlandredactie

Hey opa, jij ook hier

september 2010

Honderden oorlogsdagboeken uit een predigitaal tijdperk staan sinds deze maand online. Mijn opa en zijn dagelijkse oorlogsleven zijn opeens te googelen.

4. 0ct 1940. 250 dooden. Haarlem gebombardeerd.

5 oct. Met 7-1 gewonnen van B.Z.W. 

Derk Rooseboom (1920-1993) hield een dagboek bij in 1940 en 1945. Geen heldendaden, geen onderduikadressen, geen poëtische zinnen. Korte, dagelijkse beschrijvingen van drie jaar oorlog in Nederland en twee jaar als dwangarbeider in Duitsland. Altijd had hij opschrijfboekjes bij zich, waar hij ’s avonds zijn observeringen inzette. 

Acht jaar terug tikte oma het uit op een typemachine in haar Arnhemse flat. Ze ontcijferde zijn krabbels en zette er hier en daar een voetnoot bij. Voor de kleinkinderen, die een versie kregen in een rood mapje. Want dat wilde hij graag, dat anderen zijn observaties zouden lezen. 

10 apr 1941 Ik ben jarig en krijg opslag: f 150,—,

Hongaarse troepen trekken grens Joego-slavië over. 

Het hield hem bezig natuurlijk, die oorlog. Maar voetbal ook, en dansen en petoeten (wat een kaartspel blijkt). In het begin wisselen de onderwerpen elkaar af, na een jaar of twee worden de aantekeningen steeds serieuzer. 

 19 nov. Bij het naar huis gaan na het bridgen, betrapte ik Toet met Duitschen officier. Uit met de vriendschap. Jammer, het was een hartelijk kind. 

Oma stuurde een kopietje naar het NIOD, dat het tot haar vreugde opnam in het archief. Nummer zevenhonderdnogwat. En sinds gisteren staat het dagboek online, samen met honderden andere dagboeken, tekeningen en brieven die gedigitaliseerd zijn in een monsterproject van verschillende organisaties met subsidie van het Ministerie van VWS. 

Al die collecties geven een beeld van het dagelijkse leven in oorlogstijd. Van de toenemende maatregelen van de Duitsers tegen Joden, de etenswaren die op de bon gingen, de bombardementen. Maar het staat ook vol luchtige informatie. Mijn opa, die ik kende als een serieuze oude man, blijkt een knappe, vrijgezelle twintiger toen de oorlog uitbrak. Hij ging naar de bioscoop met Willie, eten bij Puck, dansen met Elly, Nelly, Ellen en Meta. 

16 juni  Yvonne was aan de trein, ze had steeds gedacht dat ik zou blijven.

Afijn, niets is eeuwig

Vanaf mei 1943 moet hij als dwangarbeider naar Duitsland, om in Reutlingen achter een draaibank te staan tussen de Russen, Oekraïners, Fransen en Duitsers. Hij neemt de leiding op zich in zijn slaapzaal, organiseert maar weer voetbalwedstrijden, en houdt trouw zijn aantekeningen bij. 

4 oct.1944 Lang heb ik gehoopt dat ik dit boekje net nog vol zou schrijven en dan thuis zou zitten. Het boekje is vol, maar we zijn nog niet thuis 

Als Reutlingen in mei 1945 wordt bevrijdt, reist hij een poosje mee met de Amerikanen door Frankrijk voor hij terugkomt naar Nederland. Daar ontmoet hij mijn oma en gaat aan het werk. En nu staat hij online, mijn opa die het internet niet heeft meegemaakt, die kwaad werd van de afstandsbediening omdat hij al die knoppen maar niks vond. Googlebaar voor in de eeuwigheid.